Stad: Tallinn is de hoofdstad en ook
de grootste stad van Estland. De stad ligt aan de noordelijke
kust van het land, aan de Finse Golf.
De geschiedenis van deze plaats gaat terug naar de 11de
eeuw toen er een houten burcht en een handelsplaats werd gebouwd.
Ook een haven werd toen aangelegd. De eerste maal dat de plaats
officieel vernoemd werd, was in een Arabisch document van
het jaar 1154. Dit was dan onder de naam Qwln of Qalaven.
Tot de 13de eeuw werd de plaats in het Scandinavisch Lyndanisse
genoemd. Na de Deense verovering in 1219 kwam de stad in het
Duits, Deens en Zweeds bekend te staan als Reval. Deze naam
werd behouden tot 1918. De huidige naam Tallinn is van Estse
oorsprong, hoewel hier uiteraard veel discussie over bestaat.
Zoals al aangehaald, in 1219 veroverden de Denen deze
plaats. Dit was toen de Deense koning Waldemar II de burcht
veroverde. Hij liet de burcht herbouwen en begon tevens met
het bouwen van een kerk voor de bisschop. Ook werden er kooplieden
aangeworven om aan de voet van de berg te komen wonen. In
1248 verkreeg de plaats de stadsrechten. De stad veranderde
nadien wel eens van land. In 1346 verkocht de Deense koning
de stad aan de Duitse Orde. In 1561 kwam de stad in Zweedse
handen terecht. Het behoorde tot Zweden tot 1710 toen het
overging naar het tsaristische Rusland. Op 24 februari 1918
werd de oprichting van Estland uitgeroepen met als hoofdstad
Tallinn.
Vandaag wonen in Talinn ruim 413.727 inwoners (2010).
De stad is vandaag te bewonderen in een oud en nieuw gedeelte.
De oude binnenstad is ommuurd en telt nog vele oude woningen,
koopmanshuizen, pakhuizen, poorten en torens. Het zich snel
moderniserende zakencentrum ligt ten oosten van de oude stad.
Gebouw: Het gebouw waarin we Gods naam
terug vonden is de Domkerk of kathedraal van de Heilige Maagd
Maria. De eerste kerk op deze plaats, deze van 1219, werd
in 1229 vervangen door een stenen gebouw dat gereed kwam in
1240. In het begin van de 14de eeuw was er een reconstructie
waarbij de kerk groter werd gemaakt. Deze reconstructie duurde
maar liefst 100 jaar. Ze was gereed in 1430. In 1684 was er
een grote brand. De kerk werd vervolgens naar de oorspronkelijke
staat hersteld in 1686.
Aanvankelijk was deze kerk van de Rooms-katholieke Kerk.
De kerk werd Luthers in 1561. Vandaag behoort ze toe tot de
Estse Evangelisch Lutherse Kerk.
Gods naam: De preekstoel (1686)
en het altaarstuk (1696) zijn van de hand van de Estlandse
beeldhouwer en houtsnijder Christian Ackermann. Bovenaan het
altaarstuk zien we Gods naam staan in het Hebreeuws als het
tetragrammaton.

Foto Wikipedia
/ publiek domein.



Detail van vorige foto